Schimmelproblemen in huis komen helaas vaak voor. Ongeveer 1 op de 5 huishoudens in Nederland heeft te maken met vocht of schimmel in huis. In huurwoningen komen schimmels nog vaker voor: 1 op de 3 huurwoningen heeft last van schimmels.
Schimmel begint vaak met een paar donkere vlekken in de badkamer, achter meubels of bij de ramen. Het is niet alleen lelijk. Schimmel is ook niet gezond. Daarom is het belangrijk om schimmel serieus te nemen. En om te weten wat je zelf kunt doen en wat je van Woonik mag verwachten.
Hoe ontstaat schimmel?
De belangrijkste oorzaak is te veel vocht in huis. Dat gebeurt door dagelijkse dingen zoals koken, douchen of de was drogen. Als er te weinig frisse lucht binnenkomt, blijft het vocht hangen. Ook een koud huis zorgt sneller voor condens: kleine druppeltjes vocht op muren en ramen. Op die vochtige plekken groeit schimmel graag. Soms ligt het aan de woning zelf, bijvoorbeeld door een lekkage of koude muren.
Wanneer bel je Woonik?
Blijft de schimmel terugkomen, ook als je alle tips volgt? Of zie je grote vlekken die steeds groeien? Dan is het belangrijk om dit te melden bij Woonik. Door goed samen te werken, blijft jouw woning een fijne en gezonde plek om te wonen!
Wat kun je zelf doen?
Gelukkig kun je als huurder zelf al veel doen. De GGD gebruikt hiervoor de 4 V’s:
Verwijderen
Zie je schimmel? Haal het meteen weg met een toegestane schimmelreiniger.
Vocht beperken
Douche kort (maximaal 5 minuten) en met de deur dicht. Droog de was buiten of bij een open raam. Kook met de deksel op de pan. Zet bij douchen, wassen en koken altijd de ventilatie hoog of een raampje open.
Ventileren
Laat roosters en klepraampjes altijd open. Lucht elke dag even: zet 10 minuten de ramen tegenover elkaar open.
Verwarmen
Houd de woning warm genoeg. Overdag minimaal 18 graden, ’s nachts niet lager dan 15 graden. Is het vochtig in huis? Dan warmt je woning langzamer op en kost het meer energie om het weer warm te krijgen.